Twee paarden naast elkaar: het linker paard heeft een oor naar achteren en het rechter paard de oren naar voren en de tong uit de mond. wat zegt gehoor van een paard

Wat hoort een paard eigenlijk? Meer dan ik soms denk

Geschreven door Marnix Brandes · Paardentandarts · Techniek

Ik pak mijn elektrische vijl. Nog voor ik begin, draait er een oor mijn kant op. Zo van: wat heb jij daar nu weer?

Dat oor staat er niet voor de sier. Terwijl ik met de eigenaar praat en mijn spullen klaarleg, is het paard al druk aan het luisteren. Wat hoort hij eigenlijk? En maakt het uit of ik met mijn gewone stem praat of ineens een toontje hoger ga zitten? Tijd voor wat paardenoor-weetjes.

1. Een paard hoort tonen die wij niet horen

Het gehoor van een paard bestrijkt grofweg 55 tot 33.500 hertz. Bij mensen wordt vaak ongeveer 20 tot 20.000 hertz aangehouden. Vooral aan de bovenkant zit dus een verschil: een paard kan sommige hoge tonen horen die ik niet eens opmerk. Aan de onderkant kunnen wij juist lagere tonen waarnemen.

Dus als ik denk: ik hoor niets bijzonders, hoeft dat voor het paard niet te gelden. Maar dat betekent niet dat hij alles harder hoort. Toonhoogte, volume en omstandigheden maken verschil. Een zacht, onverwacht geluid kan bovendien meer aandacht trekken dan een geluid dat hij al kent.

2. Twee oren, twee kanten op

Soms staat één oor op mij gericht en het andere op iets achter in de stal. Ik hoef daar niet jaloers op te worden: het paard houdt gewoon zijn omgeving in de gaten. Met die beweeglijke oren kan hij zich op geluiden richten zonder meteen zijn hele hoofd te draaien.

Een oor naar achteren betekent niet automatisch: ik ben boos. Misschien luistert hij gewoon naar de eigenaar die achter hem staat. Daarom kijk ik nooit alleen naar oren, maar ook naar de ogen, de spieren, de ademhaling en wat het paard verder doet. In Wat vertellen de ogen van je paard? lees je hoe ik die blik meeneem in mijn onderzoek.

3. Hoort een paard verschil tussen een hoge en een lage stem?

Ja. Paarden kunnen verschil in toonhoogte horen, maar ze luisteren niet alleen naar de hoogte van een stem. Onderzoek laat zien dat ze verschillend reageren op positieve en negatieve menselijke stemgeluiden. Ze kunnen een bekende stem zelfs verbinden aan eerdere ervaringen met die persoon.

Dus moet iedereen voortaan met een hoog piepstemmetje tegen zijn paard praten? Liever niet, anders wordt het bij mij op stal wel een heel bijzondere voorstelling. Een hoge stem is niet automatisch prettig en een lage stem niet automatisch geruststellend. Hoe iemand klinkt, hangt ook af van het ritme, het volume en de intonatie. Een lage stem kan rustig klinken, maar je kunt er net zo goed boos mee praten.

In onderzoek reageerden paarden soms gunstiger wanneer mensen op een wat hogere, levendiger manier tegen ze praatten. In een vervolgonderzoek trok die manier van praten vooral méér aandacht. Dat is interessant, maar meer aandacht is nog geen bewijs dat elk paard er rustiger of blijer van wordt.

4. Wat ervaart een paard dan als positief?

Daar bestaat geen magische toonhoogte voor. In een onderzoek verstilden paarden langer bij negatieve menselijke stemgeluiden dan bij positieve. Ook eerdere ervaringen kunnen meetellen: een stem van iemand bij wie je je eerder prettig voelde, is niet zomaar hetzelfde als een onbekende stem.

Ik praat tijdens mijn werk graag met de eigenaar, maar ook met het paard. Niet omdat ik verwacht dat hij mijn uitleg over zijn kiezen woord voor woord volgt. Mijn stem is een van de signalen die ik hem geef. Hoe ik nader, wat mijn handen doen en of ik even wacht als hij iets moet verwerken, doet óók mee.

En die elektrische vijl dan?

Ik zet de vijl niet zomaar aan en begin. Eerst heb ik mijn controles en onderzoek gedaan. De mondspreider staat open en ik heb iedere kies gevoeld en gecontroleerd op beweging. Daarna gaat de vijl uitgeschakeld de mond in. Ik raak de kiezen van voor naar achteren aan. Zo kan het paard wennen aan het gevoel en merk ik meteen of ik achterin genoeg ruimte heb, of dat de mondspreider toch nog een klikje verder open moet.

Accepteert het paard dat? Dan haal ik de vijl er weer uit. Met mijn linkerhand geef ik zachte druk op de tong. Met mijn rechterhand zet ik rustig de motor aan mijn harnas aan en laat ik de vijl zachtjes draaien. Zo koppel ik het geluid aan iets wat het paard al voelt. Ik voer de snelheid geleidelijk op, terwijl mijn hand op de tong blijft.

En dan gebeurt het interessante deel: ik voel of de tong ontspant. Dat is voor mij het teken dat ik verder kan en de behandeling kan beginnen. Ik kijk ondertussen natuurlijk ook naar de rest van het paard. Een oor kan me iets vertellen over het geluid, maar mijn hand op de tong vertelt me op dat moment minstens zoveel.

Het klinkt misschien als een hele omweg voordat ik één kies heb gevijld. In de praktijk helpt juist die tijd aan het begin mij om daarna prettig met het paard te werken. Ik hoef geen wedstrijd te winnen van mijn vijl. Waarom ik voor elektrische vijlen kies, leg ik uit in Handvijl of elektrische vijl: wat helpt mijn paard?.

Misschien is dat voor mij wel het leukste weetje: een paard hoeft mijn woorden niet te begrijpen om toch te reageren op hoe ik klink. En ik hoef geen paardentaal te spreken om terug te luisteren. Al zou ondertiteling bij sommige paarden af en toe best handig zijn.

.

;