Geschreven door Marnix Brandes · Paardentandarts · Praktijk
“Aan zijn oren kun je beter niet komen. Dat vindt hij niet fijn.”
Ik ben nog maar net op stal. We maken even kennis, de eigenaar vertelt wat over het paard en ondertussen begin ik rustig te kijken en te voelen. Een beetje kriebelen. Mijn hand schuift langzaam richting zijn oren.
Het hoofd zakt iets. De oogjes worden kleiner. Het paard staat zichtbaar te genieten.
“O. Nou… normaal vindt hij dat niet zo lekker.”
Dan moet ik soms even gniffelen. Zo’n paard kan tijdens de uitleg ineens zelf een heel andere mening geven.
Dat zijn van die kleine momenten die mijn werk zo leuk maken.
Bij aankomst krijg ik vaak alvast een kleine gebruiksaanwijzing mee.
“Hij is bang voor de tandarts.”
“Zijn mond opendoen gaat heel moeilijk.”
“De mondspreider vindt hij nooit zo leuk. Met het bit zijn we ook altijd een hele tijd bezig.”
Die informatie hoor ik graag. Een eigenaar kent zijn paard, ziet hem dagelijks en weet wat er eerder is gebeurd. Misschien was een vorige behandeling lastig. Misschien gaat het bit indoen thuis inderdaad moeizaam. Dat zijn ervaringen die ik serieus neem.
Tegelijkertijd begint mijn kennismaking met het paard ook al. Terwijl de eigenaar vertelt, kijk ik hoe hij reageert. Hoe staat hij erbij? Wat gebeurt er als ik hem aanraak? Kan ik rustig bij zijn hoofd komen? Heeft hij wat meer tijd nodig?
En soms verloopt dat allemaal verrassend gemakkelijk.
Dan houd ik de mondspreider rustig voor zijn mond. Even gelegenheid geven om te reageren. En daar gaat die mond al open, zonder dat ik druk hoef te geven.
“Ah kijk, hij kan niet wachten om zijn kiezen te laten zien!”
De eigenaar lacht. Ik gniffel een beetje mee. Dat is toch een heerlijk begin.
Een bit indoen en een mondspreider aanbieden zijn verschillende situaties. Wat bij het ene lastig gaat, hoeft bij het andere niet hetzelfde te verlopen. Daarom neem ik de verhalen mee en geef ik het paard ook de gelegenheid om te laten zien hoe het vandaag gaat.
Ik begrijp die eigenaren heel goed. Je wilt graag helpen. Je wilt dat je paard zich prettig voelt, dat de behandeling goed verloopt en dat degene die ermee bezig is veilig kan werken.
Met je hond bij de dierenarts hoop je ook dat hij keurig naast je gaat zitten. Rustig wachten tot jullie aan de beurt zijn. Alleen heeft die hond misschien bedacht dat hij eerst even alle andere bezoekers moet begroeten.
En met een kind in een wachtkamer hoop je op rustig zitten en een boekje bekijken. Dat kind ziet misschien vooral een mooie gelegenheid om te ontdekken hoeveel rondjes je om de stoelen kunt rennen.
We hebben allemaal een beeld van hoe we hopen dat het gaat. En als we het spannend vinden, denken we soms alvast een paar stappen vooruit.
Zal hij zijn mond wel opendoen? Zal hij blijven staan? Zal hij dat geluid niet eng vinden?
Soms zegt een eigenaar het ook gewoon eerlijk:
“Ik vind het best spannend voor jou hoor.”
Dat vind ik lief. Die staat daar met zijn eigen paard en denkt: jij moet zo meteen met je handen in die mond.
Inmiddels heb ik duizenden paarden behandeld. Allerlei paarden, met allerlei reacties. Daardoor krijg ik tijdens het kennismaken vaak al een aardige indruk van hoe we de behandeling kunnen aanpakken en hoeveel tijd een paard nodig heeft.
Sommige paarden laten me gemakkelijk voelen, hun mond bekijken en vijlen. Bij andere paarden moeten we eerst wat langer kennismaken. En soms vraagt wat ik onderweg tegenkom om een andere aanpak. Ik blijf dus kijken en voelen, ook als het begin heel ontspannen verloopt.
De eigenaar kent de dagelijkse gewoontes van zijn paard. Ik neem mijn ervaring met al die andere paarden mee. Die twee vullen elkaar mooi aan. De eigenaar kan mij iets vertellen wat ik nog niet weet, en ik kan soms laten zien dat er meer mogelijk is dan vooraf werd gedacht.
Dat levert geregeld een mooi moment op. Een paard dat rustig meewerkt. Een eigenaar die zijn schouders laat zakken. En ergens halverwege de behandeling klinkt dan:
“Nou, ik had niet gedacht dat dit zo zou gaan.”
Daar word ik blij van.
Natuurlijk kan een paard werkelijk bang zijn. Een eerdere vervelende ervaring, ongemak of pijn kan een rol spelen. Als een paard iets moeilijk vindt, verdient dat aandacht en tijd.
Maar een verwachting kan ook zo vertrouwd worden dat we bijna vergeten opnieuw te kijken. Hij vindt dit altijd lastig. Hij houdt daar nooit van. Hij doet dat nu eenmaal zo.
En dan staat datzelfde paard ineens met halfgesloten ogen te genieten van gekriebel bij zijn oren.
Ik gun een paard graag de ruimte om ons te verrassen. De eigenaar trouwens ook. Je hoeft van tevoren niet te beloven dat hij braaf zal zijn. Vertel me wat je weet, dan kijken we samen hoe het gaat.
En als hij vervolgens zijn mond opent, rustig blijft staan en alles heel gemoedelijk laat gebeuren, kan ik het soms toch niet laten:
“Volgens mij heeft hij die gebruiksaanwijzing zelf niet gelezen.”
Gelukkig maar. Dan schrijven we vandaag samen een nieuw stukje.