Paardentandarts Marnix behandelt rustig het gebit van een jong paard buiten

Daar komt de tandarts weer!

Geschreven door Marnix Brandes · Paardentandarts · Praktijk

Soms merk je pas achteraf hoeveel indruk een bezoek heeft gemaakt.

Laatst was ik weer bij een stal waar ik al eerder was geweest. Bij mijn vorige bezoek waren daar twee vriendinnen aanwezig. Voor hen was het de eerste keer dat ze een paardentandarts aan het werk zagen.

Ze vonden het geweldig.

Ze keken mee, stelden vragen en mochten zelf voelen. Ik vertelde hoe een paard kauwt, hoe de kiezen malen en hoe het gebit verandert door groei en slijtage. Blijkbaar was het verhaal daarna nog lang niet afgelopen, want de vader van een van de meisjes vertelde:

“Ze hebben het thuis drie dagen lang nergens anders over gehad.”

Aan de keukentafel ging het maar door over de paardentandarts. Over wat ze hadden gezien, wat ze hadden gevoeld en wat ze allemaal hadden geleerd.

Toen er later een nieuw paard op stal kwam, was de keuze volgens de meisjes snel gemaakt: ik moest terugkomen.

Hun vader zei lachend: “Ik kon eigenlijk niet meer om je heen. Die twee waren zó enthousiast over jou.”

Dat vond ik natuurlijk hartstikke leuk om te horen.

“Ik weet het! Ik weet het!”

Ook deze keer nam ik de meisjes weer mee in wat ik deed. Ik vertelde over voelen, kauwen en malen en stelde tussendoor een paar vragen.

“Weten jullie nog hoeveel millimeter paardentanden ongeveer per jaar verder in de mond komen?”

Ik zag meteen een hand omhoogschieten. Een van de meisjes stond bijna op haar tenen. Je zag haar gewoon denken: Ik weet het! Kies mij!

“Vier millimeter!” riep ze stralend.

“En hoeveel slijt er ongeveer af?”

Voordat ik goed en wel was uitgesproken, riep de andere enthousiast:

“Twee millimeter! Twee millimeter!”

De precieze cijfers verschillen per paard, per leeftijd en per gebitselement. Bij de kiezen wordt meestal gerekend met ongeveer twee tot drie millimeter verdere doorbraak en slijtage per jaar.

Paardentanden groeien namelijk niet onbeperkt door zoals soms wordt gedacht. Een paard heeft lange reservekronen die voor een groot deel nog in de kaak liggen. Terwijl het kauwoppervlak afslijt, komt steeds een volgend stukje van de tand in de mond.

Maar het belangrijkste hadden de meisjes uitstekend onthouden: wat door het kauwen verdwijnt, wordt vanuit de reservekroon aangevuld.

Later hoorde ik dat ze thuis zelfs nog extra informatie hadden opgezocht. Ze hadden zich werkelijk voorbereid op mijn komst.

Dan kan ik natuurlijk wel doen alsof ik een heel strenge meester ben die zijn leerlingen onverwacht overhoort, maar met zulke enthousiaste leerlingen is mijn werk wel erg gemakkelijk.

Een jong paard uit Ierland

Het nieuwe paard was nog jong, kwam uit Ierland en had nog niet zo veel meegemaakt. Eten en rijden gingen niet helemaal lekker, dus er was voldoende reden om het gebit zorgvuldig te onderzoeken.

Ik begin altijd met kijken en voelen. Hoe beweegt de onderkaak? Hoe is de bespiering? Zijn er gevoelige plekken? Hoe verlopen de kauwbewegingen? En wat voel ik in de mond?

Al snel werd duidelijk dat er daadwerkelijk iets speelde. Er waren behoorlijk scherpe haken ontstaan en de binnenkant van de mond was geïrriteerd en beschadigd. Dat kan tijdens het eten vervelend zijn, maar ook tijdens het rijden klachten geven.

Voor de meisjes was dat opnieuw een mooi leermoment. Ze konden niet alleen horen wat ik voelde, maar mochten — wanneer dat veilig kon — ook zelf ervaren wat ik bedoelde.

Zo wordt een scherpe rand ineens iets anders dan een moeilijk tandheelkundig verhaal. Als je hem zelf voelt, hoef ik eigenlijk niet zo veel meer uit te leggen.

Een paard, een lampje en een schaduw

Het was inmiddels avond en buiten begon het te schemeren. Tijdens mijn werk gebruik ik een lampje om goed in de mond te kunnen kijken.

Voor ons is dat heel praktisch. Voor een jong paard dat zo’n situatie nog niet kent, verschijnt er ineens licht op plekken waar normaal gesproken nooit iemand met een lamp staat te schijnen.

Op een gegeven moment zag het paard zijn eigen schaduw. Daar schrok hij van en hij sprong naar voren.

De vader van het ene meisje hield het paard vast. Hij was bekend met paarden en pony’s en bleef rustig naast mij staan. De twee vriendinnen bleven ook kalm. Zij hadden al eerder gezien hoe ik werk en waren niet snel onder de indruk.

De moeder van het andere meisje dacht daar iets anders over.

Zij had zelf weinig met paarden en vond het hele gebeuren behoorlijk spannend. Toen het paard naar voren sprong, schoot zij direct achter het lage muurtje naast de stal. Veilig uit de buurt, met alleen haar hoofd nog een klein stukje om de hoek.

De twee vriendinnen keken haar een beetje verbaasd aan. Het paard keek waarschijnlijk net zo verbaasd terug. Hij was immers alleen maar van zijn eigen schaduw geschrokken.

Ik moest er wel om lachen. Niet om haar angst, want als je weinig ervaring met paarden hebt, kan zo’n onverwachte beweging behoorlijk indrukwekkend zijn. Maar het plaatje was prachtig: vader ontspannen naast het paard, de meisjes rustig bij mij en moeder veilig achter het muurtje.

Soms verandert één lampje een gewone gebitsbehandeling zomaar in een compleet staltheater.

Kleine zaadjes

Tijdens mijn werk wil ik niet alleen een gebit behandelen. Ik wil mensen laten begrijpen wat ik zie, voel en doe.

Wie dat leuk vindt, mag meekijken, vragen stellen en soms zelf voorzichtig voelen. Kinderen zijn daar vaak heerlijk onbevangen in. Ze zijn nieuwsgierig, steken hun hand op en willen precies weten hoe alles werkt.

En soms plant je zo een klein zaadje.

Misschien groeit daar later meer begrip voor het paard uit. Misschien ontstaat er interesse in anatomie, gezondheid of gedrag. Of misschien blijft het gewoon een bijzondere herinnering waar thuis nog dagen over wordt nagepraat.

Die twee vriendinnen hadden uitgekeken naar mijn komst. Ze hadden onthouden wat ik de vorige keer vertelde en waren thuis zelfs verder gaan zoeken. Bij mijn volgende bezoek stonden ze klaar met hun antwoorden.

Dat zijn de momenten waar ik het voor doe.

Ik hoop dat een bezoek van de paardentandarts niet alleen wordt gezien als iets spannends met een mondspreider, elektrische vijlen, een lampje en allerlei onbekende geluiden. Het kan ook een rustig en leerzaam moment zijn, waarin het paard de ruimte krijgt en de mensen eromheen mogen begrijpen wat er gebeurt.

En de moeder?

Die heeft de avond ook keurig doorstaan. Het paard, het lampje, de schaduw én haar veilige plekje achter het muurtje.

Dat verdient eerlijk gezegd óók een klein applausje.

;